| Plaats in het staatsbestel | |
| De Tweede Kamer is de rechtstreeks gekozen volksvertegenwoordiging. Het kabinet moet het vertrouwen genieten van een meerderheid van de Tweede Kamer; dit is het geval totdat het tegendeel blijkt, doordat bijvoorbeeld een motie van wantrouwen wordt aangenomen. De Tweede Kamer wordt, omdat ze rechtstreeks wordt gekozen en meer rechten heeft, belangrijker gevonden dan de Eerste Kamer, ook al zijn beide formeel gezien gelijkwaardig. |
| Onafhankelijkheid | |
| De Tweede Kamer is 'baas in eigen huis': zij bepaalt haar eigen agenda, regelt haar eigen vergaderorde, kiest haar eigen voorzitter, benoemt zelf personeel en stelt een eigen begroting op. De Grondwet garandeert tevens dat Kamerleden 'zonder last' kunnen stemmen en niet voor de rechter kunnen worden gesleept voor uitlatingen in Tweede-Kamerverband. |
| Dualisme en monisme | |
| De trias politica vereist scheiding van wetgevende, uitvoerende en rechtsprekende macht. In Nederland heeft het parlement, samen met de regering, wetgevende macht. Er is wel sprake van een dualistisch stelsel, want ministers en staatssecretarissen mogen geen lid van het parlement zijn. |