Maatschappelijke context |
Aard van de enquête |
Het onderzoek |
| - | I: algemeen (voorzitter Donker, later Schilthuis en Koersen) |
| - | II: militair beleid (voorzitter Ruijs de Beerenbrouck, later Algera) |
| - | III: financieel-economisch beleid (voorzitter Schilthuis, later Korthals) |
| - | de neutraliteitspolitiek tot mei 1940 |
| - | het geschil tussen de regering en opperbevelhebber Reynders |
| - | het vertrek van koningin en ministers naar Engeland |
| - | het aftreden en vertrek van De Geer |
| - | het ontslag en benoeming van diverse ministers |
| - | het optreden van de Nederlandse Unie |
| - | de contacten met het verzet en de Engelandvaarders |
| - | de buitenlandse betrekkingen |
| - | de voorbereiding van het herstel van de democratie (terugkeerbeleid) |
| - | het Englandspiel |
| - | het financiële beleid in Londen |
| - | Radio Oranje en het omroepbeleid |
| - | de spoorwegstaking van 1944 |
| - | de voorbereiding van de bijzondere rechtspraak |
| - | de oorlog in Nederlands-Indië |
Einde van de enquête |
Conclusies en aanbevelingen |
Bijzonderheden |
Voorzitters |
![]() |
| L.A. Donker | |
| Vooraanstaand Rotterdamse SDAP- en PvdA politicus. Was advocaat en bezat als jurist veel gezag in de Tweede Kamer. Leidde vijf jaar op voortreffelijke wijze de parlementaire enquête regeringsbeleid 1940-1945. Volgde in 1951 Van der Goes op als fractieleider. Werd minister van Justitie in het derde kabinet-Drees, na zelf eerder als formateur te zijn opgetreden. Had een grote werkkracht en bracht een groot aantal wetten tot stand, zoals nieuwe regelingen voor ontslag, voogdij en ondertoezichtstelling, en een nieuwe wet over administratieve rechtspraak. Eiste daardoor veel van zijn ambtenaren en ook van zichzelf. Overleed enkele maanden voor het einde van de kabinetsperiode. |
![]() |
| J. Schilthuis | |
| Rotterdamse graanhandelaar, die vóór 1945 de VDB in de Tweede Kamer vertegenwoordigde en nadien PvdA-Tweede-Kamerlid was. Was woordvoerder vervoersaangelegenheden en economische zaken, leidde twee jaar de parlementaire enquêtecommissie regeringsbeleid 1940-1945 en was ondervoorzitter van de Tweede Kamer. Beschikte over een grote werkkracht. Had als consul-generaal een speciale band met Zuid-Afrika. |
![]() |
| Th.D.J.M. Koersen | |
| Vriendelijk, goedlachs Amsterdams KVP-Tweede-Kamerlid. Tijdens de bezetting drukker van 'Het Parool'. Was vanaf 1946 Kamerlid en trad op als defensie-specialist en woordvoerder middenstandzaken van zijn fractie. Speelde een belangrijke rol in de parlementaire enquête naar het regeringsbeleid 1940-1945. Leidde in 1958-1960 bovendien een Kamercommissie die onderzoek deed naar het aanschaffingsbeleid bij Defensie. Gerespecteerd en gewaardeerd door zijn medeleden, maar wat te bescheiden om in debatten een grote rol te spelen. Enige jaren secretaris van de KVP-fractie. Gold als exponent van de linkervleugel van zijn partij. |
Samenstelling van de commissie |
Feitelijke gegevens |
|
| Maatschappelijke context |
||
| Aard van de enquête |
||
| Het onderzoek |
||
| Einde van de enquête |
||
| Conclusies en aanbevelingen |
||
| Bijzonderheden |
||
| Voorzitters |
||
| Samenstelling van de commissie |
||
| Feitelijke gegevens |
||